Gebiedsontwikkeling is complex. Informatie over bijvoorbeeld ruimte, wonen, mobiliteit, energie, water, bodem en financiën is vaak verspreid over verschillende organisaties en systemen. Daardoor wordt informatie onnodig vaak opnieuw verzameld of bewerkt. Het is dan lastig om een compleet beeld te krijgen en verschillende ontwikkelscenario’s goed met elkaar te vergelijken.
De werklijn Digitalisering van de ruimtelijke planketen helpt om informatie beter te organiseren, te delen en opnieuw te gebruiken. Zo kunnen gemeenten en andere betrokken partijen partijen sneller inzicht krijgen en beter onderbouwde keuzes maken. Digitalisering is daarbij geen doel op zich, maar een middel om gebiedsontwikkeling te versnellen en toekomstbestendiger te maken.
Waar werken we aan?
Binnen dit thema werken we onder meer aan:
- Gezamenlijke werkwijze voor datagedreven gebiedsontwikkeling
- Landelijke afspraken en standaarden om informatie goed uit te wisselen
- Digitale Basis Gebiedsontwikkeling met onder meer gebiedsdossiers en Digital Twins
- Veilige en betrouwbare voorzieningen om gegevens te delen
- Herbruikbare informatieproducten en modules die helpen bij concrete keuzes
- Campus Gebiedsontwikkeling – kennis, expertise en ondersteuning voor toepassing en opschaling
Deze bouwstenen worden toegepast en doorontwikkeld in circa 30 steden en 45 gebiedsontwikkelingen. Voorbeelden zijn de toepassing van MiniGIM in ZuidZicht in Den Haag en digitale toepassingen in Hilversum Sportpark. Daarbij wordt aangesloten op bestaande voorzieningen, zoals de DMI PDX en landelijke Digital Twin-bouwstenen.
Niet digitaliseren om het digitaliseren
Digitalisering begint niet bij een systeem, maar bij de praktijk. Het gaat erom dat de juiste informatie op het juiste moment beschikbaar is, dat verschillende partijen vanuit dezelfde informatiebasis kunnen werken en dat de gevolgen van keuzes eerder zichtbaar worden.
Daarom kijken we eerst naar het proces: welke keuzes worden wanneer gemaakt, welke informatie is daarvoor nodig en hoe kunnen digitale hulpmiddelen daarbij helpen? Zo ontstaat een logische verbinding tussen proces, besluit, informatie, analyse en gegevens.
Het uitgangspunt is: generiek waar het kan, gebiedsspecifiek waar het moet. Door afspraken, standaarden en informatieproducten zoveel mogelijk gezamenlijk te ontwikkelen, hoeft niet ieder gebied opnieuw het wiel uit te vinden. Tegelijkertijd blijft er ruimte voor lokale keuzes en innovatie door marktpartijen.
Leren en opschalen
De praktijkgebieden zijn de plek waar digitale oplossingen worden toegepast, getest en verbeterd. Wat werkt, maken we bruikbaar voor andere gebieden. Denk bijvoorbeeld aan de doorontwikkeling en standaardisatie van MiniGIM en Digital Twin-toepassingen.
We werken volgens het principe innoveren – toepassen – opschalen aan een digitale ruimtelijke planketen waarin informatie beter stroomt, partijen eenvoudig en betrouwbaar kunnen samenwerken en een oplossing die in het ene gebied werkt ook waarde kan hebben voor andere gebieden.